De geschiedenis van de WvA

De oorsprong 

De oorsprong van de Werkgemeenschap van Astrologen (kortweg WvA) ligt in het begin van de 20e eeuw, toen de astrologie in Nederland een nieuwe impuls kreeg. Op 30 juni 1907 werd in Nederland de eerste astrologische vereniging opgericht, het “Nederlands Genootschap tot bestudering van Astronomie en Moderne Astrologie”. Afgekort N.A.G.

ThierensDe stoot tot oprichting werd gegeven door A.E. Thierens (1875-1941), nadat H.J. van Ginkel, die in Engeland onder directe leiding van Alan Leo had gestudeerd, diens werken in Nederland had geïntroduceerd. Thierens had ook de werken van Leo bestudeerd en vertaalde er een in het Nederlands. Daarmee was hij een van de grondleggers van de moderne Nederlandse astrologie. Thierens was doctor in de filosofie en esoterisch astroloog, die astrologie vanuit een theosofische hoek benaderde. Dat blijft een belangrijke bron voor de astrologie zoals beoefend door de WvA.

Hij vervulde ook de rol van redacteur bij Urania, het tijdschrift dat in 1907 voor het eerst werd gepubliceerd en tot op heden bezig is. Een van zijn bijdragen was dat hij als eerste een vruchtbare studie maakte van de zogenaamde Wet van Twaalf en de Wet van het Object in de astrologie. Hij beschreef de twaalf tekens van de dierenriem zowel als een opeenvolgende reeks van fasen en beelden die uit elkaar voortkomen, als een stelsel van gelijktijdige werkzaamheid. De WvA-astrologie ziet dit onder meer individueel in de twaalf sectoren van de horoscoop. Door systematische analyse van de heren van de sectoren wordt de aanlegstructuur van een geborene naar voren gebracht. 

 
Knegt LeoEen andere pionier was Leo Knegt (1882-1957), een Nederlandse astroloog. Knegt was de man die vooral zocht naar precisie in de astrotechniek en daarvoor de rekenmethodes grondig onderzocht.  Hij heeft diverse aanpassingen doorgevoerd in de wijze waarop een horoscoop wordt vastgesteld. Daarmee werd de basis gelegd voor een aantal belangrijke kernbegrippen van de WvA, zoals de Ware Plaats en een nieuw systeem voor het berekenen van astrologische huizen, het Ascendant-Parallel-Cirkel-Systeem.
Daarnaast heeft hij zich gericht op het onderzoeken en controleren van verschillende sectorensystemen en progressiesystemen.. Knegt was bovendien een van de meest bekwame en deskundige duiders van horoscopen, terwijl de uurhoekastrologie, waarin hij echt een expert was, een bijzondere plek in zijn hart had. Hij is in 1957 overleden, op bijna 75-jarige leeftijd.
In 1947 richtte Knegt met Theo J.J. Ram de Werkgemeenschap van Astrologen op, als opvolger van het Nederlands Genootschap tot bestudering van de Astronomie en Moderne Astrologie.
 

De RAM-school

Th.J.J. Ram leidde de beweging in de jaren voor en na de Tweede Wereldoorlog tot aanzienlijke bloei. De WvA wordt dan ook wel de “School van Ram” genoemd. Theo Ram was een veelzijdige astroloog die, naast zijn technische vaardigheden, een buitengewoon talent bezat voor het interpreteren van horoscopen. Een buiten­gewoon begaafd mens, filosoof, oorspronkelijk denker en bekwaam pedagoog. Hij was degene die niet alleen de technische opzet van Knegt heeft geoptimaliseerd, maar vooral door zijn psychologische en astrologische inzicht de astrologische beweging in Nederland tot een aanzienlijke bloei heeft gebracht. Hij wordt beschouwd als de grondlegger van de psychologische astrologie, onder andere door de formulering van de Wet van Zeven en de Wet van het Subject, als aanvulling op de Wet van Twaalf, die door Thierens was geïntroduceerd. Ook vele andere onderdelen van de astrologie hebben sterk de invloed van Th.J.J. Ram ondergaan, zoals de duiding, die hij voor het eerst geheel systematisch op- en uitbouwde. Zijn duidingsysteem beschreef hij in zijn boek Psychologische Astrologie, dat in 1934 uitkwam, vaak opnieuw werd gedrukt en nog steeds een belangrijk boek is voor verdere studie. Daarnaast schreef hij veel artikelen en zorgde hij tot zijn dood in oktober 1961 voor de uitgave van drie delen van de Psycho-Astrologische Encyclopedie. In die jaren was het doel ook een systeem te ontwikkelen waarin kosmologie, religie, filosofie, psychologie en wiskunde samenkwamen.
Enkele namen van personen die in dezelfde geest hebben bijgedragen, zijn I. de Beer en C. Diegenbach (onder andere ‘Astro Technica’) en C.J. Snijders (o.a. ‘Beginselen van de astrologie’). Het tijdschrift Urania ontwikkelde zich steeds meer tot het platform, waar alle theorieën, opvattingen en ideeën werden gepubliceerd. 

De periode tot nu 

Bert Esser 150x150Binnen de WvA is hun werk in de tweede helft van de vorige eeuw voortgezet door onder andere Hans Cosman en Jan Bakker. Hans Cosman was de schijver van de Pelman cursus, de schriftelijke astrologische cursus uitgebracht door het Pelman Instituut, die in de 70er jaren veel geinteresseerden verder bracht op het pad van de astrologie. Cosman, Bakker schreven samen met Bert Esser het boek “Astrologie van A tot Z”, waarin verschillende aspecten van de Ram-school verder werden uitgewerkt.
Bert Esser was musicus, regeressietherapeut en een ongelooflijk productief astroloog. Hij schreef onder andere 105 artikelen voor Urania over allerlei astrologische onderwerpen en verschillende boeken. Hij was de drijvende kracht achter de WvA in de jaren 70 en ’80 en was jarenlang voorzitter. 
Daarnaast moeten we de namen noemen van Louise van Zanen, en Toos Damen. Verschillende boeken van hun hand tref je aan onder de Publicaties. Paula Schreurs speelt ook op dit moment met haar eigen visie een belangrijke rol bij de vernieuwingsprocessen van onze werkgemeenschap. Terwijl de beweging in de jaren voor de Tweede Wereldoorlog de enige astrologische groepering in Nederland was, kenmerkt de WvA zich nu te midden van de andere groeperingen door een heel eigen visie en methode. Dit blijkt vooral uit een afwijkende opzet van de horoscoopfiguur en een eigen aanpak van de duiding.
Onder Publicaties tref je een groot aantal artikelen en lezingen aan die meer informatie geven over de aanpak van de duiding.